maandag 29 oktober 2012

Boekbespreking: de Perfecte Ramp

Toen ik het boek "De Perfecte Ramp" van Casti meenam om te lezen, was de reactie van iemand die ik ken: "Ga jij DAT lezen?!"
Ze sprak het uit alsof ik wel gek moest zijn, dat ik me met zulke verwaarloosbare lectuur wou bezighouden.  In zijn boek geeft Casti, een wiskundige, toe dat hij niet meteen een aangenaam onderwerp bespreekt: hoe waarschijnlijk en wanneer waarschijnlijk zal een bepaalde ramp zich voordoen? 
Mensen willen zulke dingen niet horen en steken hun kop liever in het zand.  Het is heel menselijk om blind te willen zijn voor toekomstige, onafwendbare problemen.  Toch is het tijd om onze ogen te openen, vindt Casti.  Hij wil met zijn boek geen doemscenario aan ons voorleggen, hij wil net een positieve boodschap brengen: we moeten nu reageren!
Toch zijn de mogelijke rampen die hij bespreekt iets waar ik persoonlijk vrij moedeloos van werd.  Casti toont aan dat het perfect mogelijk is dat het internet ( een uitvinding die dateert uit een tijd waarin de computers nog lang niet zo geavanceerd waren als nu) binnen korte tijd kan crashen.  De gevolgen van zo'n crash zijn afschuwelijk, want er zijn bijna geen bedrijven of voorzieningen meer die NIET via het internet werken.  Voedselschaarste zou al binnen enkele dagen na een crash een feit zijn. 
Hetzelfde (chaos, lege supermarkten) zou zich snel voordoen na een grootschalige electriciteitspanne - alweer een ramp die best mogelijk is, gezien ook het electriciteitsnetwerk fel verouderd is.  Westerlingen zijn verwend: wij zijn het zo gewoon dat we in de supermarkt onze mandjes naar believen kunnen vullen met allerlei verschillende soorten producten uit de hele wereld dat zulke rampscenario's iets voor een hollywoodfilm lijken...
Maar dit boek is allerminst fictie...  De pandemie lijkt me persoonlijk de ergst denkbare ramp.  Ook een wereldwijde epidemie is volgens Casti onafwendbaar, en daarom vind ik het jammer dat hij niet meer de nadruk legt op de afschuwelijke toestanden in de intensieve veeteelt.  Dodelijke griepvirussen ontstaan immers bij varkens of vogels, waarna de gemuteerde virussen op mensen kunnen overspringen.  De gigantische veestallen, waar dode kippen dagenlang blijven liggen, waar varkens van stress en verveling sowieso al vaker ziek worden, en ga zo maar door, zijn de gedroomde geboorteplek voor zo'n wereldwijde killer. 
Dit is een aanrader voor wie wakkergeschud wil worden.  Dit boek zet je echt wel met je voeten op de grond: het is NU tijd om iets te ondernemen.  Maar wat je zelf kan ondernemen, daar blijft Casti vaag over, alhoewel ik blij ben dat hij tot twee keer toe herhaalt dat je beter je persoonlijke vleesconsumptie zou verminderen, in verband met waterverbruik en voedselschaarste.  Hij somt vooral tools en werkpunten op voor regeringen.
Mijns inziens zullen politici nooit of te nimmer de politieke moed hebben om echt iets te veranderen, voor de eerste ramp gebeurt.  We kunnen beter zelf beginnen, bij onszelf.  Consuminderen, geen of minder vlees en vis eten, lokaal en biologisch voedsel kopen of produceren, elkaar helpen. 
Want dat laatste benadrukt Casti ook: uit de geschiedenis blijkt, dat mensen in extreme omstandigheden in plaats van elkaar te bestelen of te vermoorden elkaar net vaker helpen.  Mensen werken samen als een ramp plaats vindt - dat maakt ons tot mens. 

Dat verandering nodig is, zie ik elke dag.  We leven in deze maatschappij in een soort droombubbel.  Het leven lijkt voor zoveel mensen vandaag te bestaan uit shoppen, uitgaan en werken om die luxes te kunnen betalen, en uit angstvallig die "rijkdommen" te verdedigen tegen ongewenste indringers van andere, armere landen.  Maar de kapitalistische maatschappij is onhoudbaar - olie is eindig, en je kan geen geld met geld maken.  Bovendien kan je geld niet opeten.  Onze maatschappij en onze luxe zijn absurd - en eindig.   

-In de boekhandel zag ik een boek dat "infominderen" als titel had.  Op de achterflap kon ik lezen hoe we tegenwoordig met informatie overspoeld worden, en dat een teveel aan info ons stress geeft en ons ongelukkig maakt.  Bijgevolg hebben we blijkbaar een heel boek - EEN HEEL BOEK - nodig om ons uit te leggen hoe we met minder informatie kunnen rondkomen! 
Absurd. 
-In een supermarkt zag ik in de koeltoog iets dat me haast deed kokhalzen.  Het was een plastic zakje, doorschijnend afgezien van het merklogo, waarin een in schijfjes gesneden appel lag.  De appel was niet geschild, nee, hij was gewoon in schijfjes gesneden.  Het klokhuis zat niet bij in het zakje.  Daarnaast lag een doorschijnend plastic zakje van hetzelfde merk, met daarin bolletjes - ronde bolletjes - wortel.  Je kon deze zaken kopen.  Het ging hier niet om producten bestemd voor restaurants, met grote hoeveelheden voorgesneden appel en wortel.  Het ging om 1 stuk fruit en 1 stuk groente.  Wat is er mis met een gewone appel of wortel en een mes?  Zijn we zo collectief verwend en gek geworden dat we betalen voor een in stukjes gesneden appel?
Absurd.
Wij, de individuen, kunnen de absurditeit doorbreken als we het heft in eigen handen nemen.  Zelf in onze energie voorzien, zodat we zelfvoorzienend kunnen zijn als morgen inderdaad de electriciteit stilvalt, net zoals Dick Cheney en nog wat andere superrijken, zoals Casti fijntjes opmerkt (zij hebben allemaal een geheel zelfvoorzienend huis). 
We kunnen van consument tot producent worden, onze eigen groenten en fruit telen, zodat we ze niet moeten laten aanvoeren, in stukjes gesneden en in plastiek verpakt, vanuit verre landen. 
Die uitspraak komt van Bill Mollison, en het is een van mijn favorieten:
We moeten van consument tot producent worden, en zo de macht in eigen handen nemen. 
 

donderdag 18 oktober 2012

De Keuze voor Bio

Even een lang verhaal om mijn overstap naar bio te verklaren...
Een aantal jaar geleden leefde ik op mijn allerzuinigst.  Het liefst wou ik zo weinig mogelijk werken voor een baas, om in de plaats daarvan me te kunnen verdiepen in het moestuinieren, het schrijven van boeken, het in eigen behoeftes voorzien, quoi.
Zonder betaald werk lukte het echter niet om rond te komen.  We zijn een beetje onafhankelijker geworden door een eigen huis, maar de lening moet wel nog afbetaald worden. 
Het ideale compromis was een deeltijdse job.  Heel wat mensen bekijken mij met een scheef oog als ik vertel dat ik deeltijds werk, terwijl ik geen kinderen, andere baan of bijkomende studies heb.  Nochtans zou onze maatschappij er, in mijn ogen, heel wat mooier kunnen uitzien als veel meer mensen deeltijds zouden werken.  Daar bestaan zelfs studies over!  Minder tijd op de werkvloer zorgt ervoor dat je meer tijd kan besteden aan pakweg vrijwilligerswerk, of aan met zorg bereide maaltijden, of aan mekaar. 
In ieder geval, mijn vriend en ik doen onze job allebei graag, maar we vinden het eveneens fijn om de resterende tijd aan andere zaken te besteden: het leven hoeft niet alleen om je werk te draaien. 
Minder werken betekent meer tijd, maar uiteraard ook minder geld.  En dus verdiepte ik mij in de kunst van het zuinig leven.  Besparen kan enorm uitdagend zijn - een heerlijke denkoefening.  Op zowat alles valt er op creatieve wijze wel iets te beknabbelen.  Een van de gevolgen van mijn zuinige jaren was dat ik zoveel tips leerde kennen dat ik besloot ze op te schrijven, en zo werd mijn idee voor een Zelfvoorzieningsbijbel geboren. 
Op eten valt heel wat te besparen.  Door veganistisch te gaan eten, gaven we plots gigantisch minder geld uit aan "nog rap een broodje/koffiekoek/..." halen.  En het leerde ons om zelf met creatieve - en lekkere - oplossingen op de proppen te komen. 
In de supermarkten kan je heel wat besparen door prijzen te vergelijken.  Ik werd daar een kei in.  Altijd de allergoedkoopste prijs of de meest voordelige promo. 
Biologisch eten was niet voor ons weggelegd, dacht ik.  Het was te duur.  Wij konden dat niet betalen.  Wij konden daar geen geld voor opzij leggen.  Dan beter goedkoper. 
Heel langzaam is die gedachtengang omgedraaid.  Het begon, denk ik, met citroenen.  Bakken is iets wat ik erg graag doe en waar ik ook goed in ben geworden.  Omdat we ons voorgenomen hadden geen eieren en melk meer te kopen (we kunnen ons geld echt niet uitgeven aan bedrijven die dieren op zo'n afschuwelijke manier als dingen behandelen) heb ik me verdiept in het vegan bakken. 
Heel interessante materie!  En voor heel wat cakes is citroenschil de ideale smaakmaker.  Maar hoe meer ik las over de met gif behandelde schil van de citrusvruchten, hoe enger ik die goedkope citroenen vond.  Bij de bio's was er geen gevaar.  En mensenlief, wat een verschil in kwaliteit!
De bio-citroen maakte nieuwsgierig: zou het met bio-appels net zo zijn?  En sla?  En worteltjes? 
De gezelligheid van de lokale biowinkel kon me na een tijdje meer verleiden dan de allerlaagste prijs van de supermarkt.  En de smaak van de groenten en het fruit was echt van topkwaliteit.  Dat stemde tot nadenken: hoe is het in feite mogelijk dat wij groenten die met kankerverwekkende producten behandeld zijn als "normaal" bestempelen, terwijl bio nog steeds iets "speciaals" is?
Biologisch voedsel stelde niet teleur.  Telkens ik ging winkelen, probeerde ik een nieuw product in biologische vorm uit te proberen dat we tevoren in "gewone" versie hadden aangekocht.  Bloem voor ons brood en ons gebak, daarna pasta, dan tomaten in blik, witte bonen in tomatensaus, ...  De allerlaatste producten die we zo omgezet hebben, zijn olie, voor onze veganaise, en balsamico azijn.
En de prijs?  Die was plotseling niet meer het allerbelangrijkste.  Ik bedacht dat mijn geld een krachtig signaal kan zenden aan de maatschappij.  Ik gebruik het liever om een biobedrijf mee te sponsoren dan om een al mirjardaire supermarktfamilie nog rijker te maken.  Het geeft een goed gevoel om te bedenken dat ik mee help de biolandbouw te ondersteunen.
Ik koop ook nog steeds bijna enkel de ruwe producten, de basis: geen muesli, maar havervlokken en speltvlokken.  Geen koekjes, maar wel rozijnen en rietsuiker, of ahornsiroop.
Wat is er belangrijker dan eten, om je geld aan uit te geven?  Zou kwalitatief hoogstaand eten niet een zekere prijs mogen hebben?  Ik geef in feite liever veel geld uit aan lekker, gezond en niet-vervuilend voedsel dan dat ik het besteed aan brol uit de fabriek in China.  Want zo gaat het vaak: mensen klagen over die hoge bioprijzen van het eten, maar leggen wel zonder verpinken een klad geld neer voor een flatscreen tv die na 5 jaar al weer uit de mode, of kapot zal zijn.  
 En dus kijk ik niet meer naar de prijs van mijn eten (of toch minder!).
Ik koop:
-bio
-zo lokaal mogelijk (lokale kleinhandel, en als het niet anders kan, lokale biosupermarkt of supermarkt waar ze bioproducten verkopen)
-seizoensgebonden
-basisproducten (zo weinig mogelijk bereide producten)
-enkel plantaardige producten

dinsdag 16 oktober 2012

Boekbespreking: Goed Eten, door Dorien Knockaert

Ik ben nooit zo'n fan geweest van risotto.  Op restaurant kwam het mij altijd nogal klef en flauw over, en daardoor heb ik er nooit thuis mee geĆ«xperimenteerd.  Maar Dorien maakt me in haar boek "Goed Eten" nieuwsgierig: ze is zo enthousiast over risotto en geeft zulke intrigerende tips om de brij te verfijnen dat ik mij heb voorgenomen eens een zakje risottorijst te gaan kopen, om te experimenteren.
In het boek worden reportages en interessante weetjes afgewisseld met recepten.  Er staan heel wat toffe ideeĆ«n in, en Dorien heeft een vlotte pen.
Ook geeft ze accuraat de problemen weer waar een would-be veganist/e mee kan geconfronteerd worden: kerstmenu's, kaas vervangen door iets dat het evenaart, eigen kippen: ja of nee.
De tips over het bewaren van groenten buiten de koelkast zijn ook meegenomen.  Wij hebben al jaren geen koelkast meer. Eerst was dat uit plaatsgebrek, daarna uit ecologische overwegingen, en nog daarna-er doordat we merkten dat we haast niks eetbaars meer de composthoop op moesten kieperen:  het niet hebben van een koelkast dwingt je namelijk om creatief en snel om te springen met restjes, waardoor je afvalberg aanzienlijk verkleint.
Een aanrader voor wie tips wil opdoen om vegetarischer/veganistischer te gaan leven!

Leve de Mosterdboer!

Wat was ik blij, toen ik het zag: een zee van gele bloemen - een hele wei vol, vlak bij ons huis!  Een mosterdveld, of was het nu koolzaad?  Ik kan die twee nog steeds niet uit mekaar houden.  In ieder geval: zowel koolzaad als mosterd zijn groenbemesters, en het zijn goede bronnen van nectar voor de bijen!
Net voor de winter er aan komt is zo'n giga-voedingsbron vlak bij huis dus goed nieuws voor de bienen, zoals ze in het oud-nederlandsch steevast genoemd worden. 
De boeren zaaien de mooikleurige bloemen in als groenbemester - dus ook zij hebben er iets aan. 
Het is een prachtig zicht, zo'n zee van geel, maar het blijft natuurlijk een monocultuur.  Nog beter zou een groenbemestingsmix a la Sepp Holzer zijn: een mengeling van lupinen, facelia, mosterd, rogge, wikke, ...
De bijen lijken zich er anders niets van aan te trekken, ik zie ze en masse terugkeren met gele klompjes aan hun pootjes.  Ook op de paarse en roze asters in de tuin vind ik ze terug. 
In dit prachtige seizoen met al zijn kleuren is het extra leuk dat de kippen en de eenden me komen vergezellen op wied-tocht in de moestuin.  Behalve de kolen, waar de kippen al eens graag in pikken, is het meeste al geoogst - en dus mogen de dieren de moestuin opruimen.  Het is gezellig om te zien hoe zij zich uitleven!
Om terug te keren naar de mosterd/koolzaad: in de tuin staan veel zelf aangewaaide plantjes van die soort.  Ze leveren gigantisch veel zaden op, en ik kijk er naar uit om eens een mosterdrecept uit te proberen. 

De geheimen van Leem

Je eigen huis verbouwen hoort ook bij zelfvoorziening, vind ik.  En hoewel ik allesbehalve technisch of handig aangelegd ben, wil ik het toch over lemen hebben - omdat dat tot nu toe het plezantste aspect van de verbouwingen van ons huis is geweest. 
We bestelden leem, gemengd met stro en vlas bij een ecologisch bouwbedrijf.  De leem komt in bigbags en wordt per kraan geleverd...
Het zand scheppen we in grote cementbakken, en we mengen het met water, totdat het een dikke modderpap is.
Daarna maken we een iets vloeibaarder papje van leem en water, en dat brengen we met een verfborstel op de muur aan.  Wij leemden op die manier op itong en baksteen, en we hopen in de toekomst op gyproc te kunnen lemen.
Hoe natter de muur is, hoe beter de leem blijft plakken.  Mijn vriend gebruikte netjes truweel en gladstrijktroffel, ik kwakte gewoon een dikke handvol leem tegen de muur om die daarna met mijn vingers uit te spreiden.
Uiteindelijk wordt alles gladgestreken met de grote, vierkantige truweel, en daarna wordt de muur rechtgetrokken met een rij - of rei?  Dat is een lange, rechthoekige lat.  Alle te dik gezette leem veeg je hiermee van de muren en het ziet er daarna piekfijn en recht uit.
Nu mag de met leem bezette kamer een dag of twee drogen.  Daarna worden de muren gepolierd met een soort rechthoekige spons.  Door deze behandeling gaat de muur er mooi glad uitzien en komen de strootjes in de leem naar boven, wat voor een fijn licht effect zorgt.
Op het internet kan je nog duizenden prachtige toepassingen met leem vinden, als je zoekt onder "cob" (leem, in het engels).  Fantastisch mooie uit leem gefabriceerde boekenplanken, omkastingen voor haarden en kachels waarin je meteen houtvoorraden kan bewaren.
Zoals gezegd ben ik niet handig en zonder handleiding durf ik niet echt beginnen aan zelf gebeeldhouwde lemen meubels in huis...  Maar als iemand extra info hieromtrent heeft: ik hoor er graag van!